i
x

Wat zie ik hier...

Elk symbool dat u hier ziet, is een stap die u moet nemen om veilig en compliant met dit product te kunnen werken. Het is als een metrolijn met tussenstations. Bij elk station krijgt u informatie en/of oplossingen aangereikt. Bent u op zoek naar specifieke informatie, dan heeft u voldoende aan een stop op één van de tussenstations.

Hoofd-actie die u dient te ondernemen voor dit product. Klik erop om te zien wat u allemaal moet doen (u blijft op de huidige pagina).

Sub-acties die bij deze actie horen. Het aantal bolletjes geeft het aantal acties aan dat u dient te doorlopen. Door op de hoofdactie te klikken worden de onderliggende sub-acties zichtbaar zonder dat u wegnavigeerd.

Indien er een hoofd-actie is opengeklikt kan het zijn dan andere hoofd-acties verkleind worden weergegeven. Deze worden dan op deze wijze weergegeven. U kunt op de verkleinde actie klikken om deze te vergroten.

Een gele lijn toont aan dat een hoofd-actie is geselecteerd.

Geselecteerde subactie.

De hoofd-actie is aangeklikt en toont de onderliggende sub-acties die u dient te doorlopen. Deze groene bollen tonen de acties aan die u dient uit te voeren. Door op een bol te klikken krijgt u de benodigde informatie hierover te zien.

UN nummer

2924

Verpakkingsgroep

II

Classificatiecode

FC

ADR klasse

3

ADR pictogram

3

Het waarom van regelgeving vervoer van gevaarlijke stoffen

Bij het vervoeren van gevaarlijke stoffen moet u voldoen aan de veiligheidsmaatregelen die gelden bij het vervoer van gevaarlijke stoffen en die zijn vastgelegd in een wettelijke regels. Daarin zijn onder andere bepalingen opgenomen voor het veilig laden, lossen, vullen en legen van verpakkingen, containers, tanks, voertuigen en vaartuigen met gevaarlijke stoffen. De regelgeving hanteert een indeling in groepen van stoffen met hetzelfde hoofdgevaar tijdens het vervoer. Deze groepen worden gevarenklassen genoemd.

Gevaarlijke stoffen moeten voor en tijdens het vervoer als zodanig kunnen worden geïdentificeerd om:

  • De relevante voorschriften te kunnen bepalen.
  • Bij incidenten tijdens het vervoer de juiste noodmaatregelen te kunnen nemen.

Hierbij wordt onder andere gebruik gemaakt van:

  • De juiste vervoersnaam van de stof.
  • De (sub)klasse.
  • Het UN-nummer
  • Gevaarsetiketten

Deze informatie vindt u terug in rubriek 14 van het VIB. U moet deze informatie ook op in de WIK opnemen.

Er zijn Europese overeenkomsten met regelgeving voor het vervoer van gevaarlijke stoffen voor het wegvervoer (ADR), de binnenvaart (ADN) en het spoorvervoer (RID) en internationale overeenkomsten over het vervoer van gevaarlijke stoffen voor de zeevaart (IMDG) en het luchtvervoer (ICAO).